Validiteit en betrouwbaarheid: verschillen en trucs

Elke onderzoeker streeft naar valide en betrouwbare uitkomsten van het onderzoek. De begrippen worden vaak met elkaar verward. In dit artikel leggen we haarfijn uit wat het verschil is en hoe je beide combineert.

 

Validiteit gaat over de inhoud: wordt gemeten wat de bedoeling is. Wie mannen op straat vraagt hoe of ze wel eens erectieproblemen hebben, zal heren die daar last van hebben niet snel opsporen. Zij zullen zeer waarschijnlijk ‘mooi weer spelen’. Zo’n onderzoek geeft dus een te lage inschatting van het mannen met die problemen.

 

Betrouwbaarheid handelt over de stabiliteit van het onderzoeksresultaat. Komen bij herhaling van het onderzoek dezelfde resultaten naar voren? Zo kunnen bij het voorbeeld hierboven de resultaten betrouwbaar zijn, omdat het percentage mannen dat hierover jokt altijd ongeveer even groot is.

 

Valide én betrouwbaar?

Dus een betrouwbaar onderzoek hoeft niet valide te zijn en andersom. De combinatie van én valide én betrouwbaar is de grootste uitdaging. Bij een diepte-interview kan je waarschijnlijk vrij goed achterhalen wat er bij die persoon speelt. Voor het voorbeeld hierboven: zeker bij een gegarandeerde anonimiteit, komt daar een erectiestoornis waarschijnlijk aan het licht. Wat de oorzaak is, zal afhangen van de geïnterviewde. De bron kan immers liggen in vele oorzaken. Grote kans dat bij een volgend interview dus weer een ander beeld ontstaat.

 

 

 

 

Veel interviews

Een goed beeld van de oorzaken krijg je pas bij afname van een groot aantal interviews. Dan stabiliseert het resultaat en zie je de grote lijn. En pas bij een zeer groot aantal interviews zijn de resultaten generaliseerbaar naar een grotere groep. Vaak ontbreekt het echter aan tijd en middelen om een groot aantal diepte-interviews af te nemen. Omgekeerd krijgt je met een groots opgezette schriftelijke enquête vrij eenvoudig een betrouwbaar beeld, maar weet je niet meteen wat er inhoudelijk aan de hand is.

 

Deze beide onderzoeksvormen combineren kan een oplossing bieden: de enquête levert de ‘statistiek’ (de betrouwbaarheid). En de interviews geven een verdieping om erachter te komen wat er werkelijk speelt (de validiteit).